De energietransitie brengt een fundamentele verschuiving in installatietechniek met zich mee. De beweging richting volledig elektrische systemen is ingezet, maar de randvoorwaarden zijn nog niet overal op orde. Netcongestie is daarbij een zichtbaar knelpunt, maar niet het enige. Ook het afbouwen van saldering en de opkomst van dynamische energietarieven vergroten de complexiteit voor gebouweigenaren en installateurs. Dit vraagt om systemen die niet alleen duurzaam zijn, maar ook flexibel en toekomstbestendig.
Piekverbruik als kernprobleem
De groeiende vraag naar elektriciteit botst steeds vaker met de beschikbare netcapaciteit. Daarbij gaat het niet zozeer om een structureel energietekort, maar om piekbelasting op specifieke momenten. Slechts een paar uur per dag is er sprake van netcongestie, maar de impact op projecten is groot. Eigenaren van appartementengebouwen krijgen te maken met langere vergunningsprocedures, duurdere netaansluitingen, stilgevallen of vertraagde bouw, en vooral veel onzekerheid. Kunnen zij de exploitatie in de toekomst rondkrijgen?
“Remeha wil en kan juist bij dergelijke vraagstukken een belangrijke rol vervullen”, vertelt Rudolf de Haan, commercial solutions manager bij Remeha. “Zeker als we al vroeg in de ontwerpfase kunnen meedenken. De tijd dat we losse toestellen leverden, ligt in belangrijke mate achter ons. Onze kracht zit hem in systeemoplossingen, waarvoor we een enorm breed productportfolio hebben.” De kern verschuift daarmee van componentselectie naar systeemdenken. Niet het individuele toestel, maar de totale installatie bepaalt of een project realiseerbaar is binnen de beperkingen van het elektriciteitsnet.

Ontwerpen op beschikbaar vermogen
Volgens Siebo Horenberg, group product manager bij BDR Thermea waar Rehema deel van uitmaakt, ligt de sleutel in het slim combineren van technieken en een andere ontwerpfilosofie. Waar traditioneel vaak op maximale belasting werd gedimensioneerd, verschuift de focus naar spreiding, buffering en intelligent aansturen. “Met ons brede portfolio kunnen we systemen samenstellen die in staat zijn om juist tijdens die piekuren het elektriciteitsnet te ontlasten”, vult Siebo Horenberg aan. “Het is een kwestie van technieken combineren en zodanig inzetten dat ze niet méér vermogen vragen, maar slimmer omgaan met het al beschikbare vermogen. Netcongestie treedt op tijdens beperkte piekmomenten. Buiten die momenten is capaciteit vaak wel beschikbaar. Daar zit de ruimte voor systeemontwerp en slimme sturing. De kunst is dus om niet te veel vermogen op te stellen en de opstellingen goed te dimensioneren.”
Slim schakelen en opslag inzetten
Volgens De Haan kan het creëren van die flexibiliteit op verschillende manieren worden ingevuld. Hybride systemen spelen daarin een belangrijke rol, doordat ze kunnen schakelen tussen energiebronnen afhankelijk van beschikbaarheid en belasting.
“Met hybride systemen schakelen we slim tussen gas en elektriciteit: elektrisch waar het kan, gas waar het moet. Zo verlagen we het elektrisch piekvermogen zonder comfortverlies. We kunnen warmte opslaan wanneer elektriciteit goedkoop is en piekbelasting op de aansluiting te voorkomen. Hetzelfde geldt voor overschotten aan zonnestroom, door deze op te slaan in buffervaten, en te gebruiken wanneer het net vol zit of de tarieven hoog zijn. Slimme sturing kan in sommige situaties zelfs extra opbrengsten genereren. Daarnaast kunnen we actief inspelen op dynamische energietarieven. Samen met partners kunnen we ook batterijen toevoegen, bijvoorbeeld bij andere grootverbruikers, om flexibiliteit te vergroten en opbrengsten te genereren op de onbalansmarkt.”
Door energieopwekking, opslag en verbruik beter op elkaar af te stemmen, ontstaat ruimte binnen bestaande aansluitingen. Daarmee verschuift netcongestie van beperkende factor naar ontwerpvariabele en hoeft netcongestie volgens Remeha geen showstopper te zijn. “In onze aanpak wordt het vraagstuk vooral een ontwerpparameter. Wij zoeken naar mogelijkheden in het ontwerp, waardoor een project minder stagnatie ondervindt en besluitvorming sneller tot stand komt. Uiteindelijk leidt dit tot toekomstbestendige installaties die zowel de installateur als de eindklant meer grip geven en die bouw- of renovatieprojecten wél mogelijk maken.

Collectieve warmte- en koudelevering
Naast netcongestie spelen bij appartementencomplexen ook andere factoren, zoals geluidseisen en toekomstige aansluitmogelijkheden op warmtenetten. Dit versterkt de noodzaak om integraal te ontwerpen.
“Een hybride installatie kan een voorloper zijn voor zowel een aansluiting op een warmtenet als voor een all-electric warmtepompsysteem”, vertelt Horenberg. “In renovatie- en nieuwbouwprojecten kunnen we daarop anticiperen. We plaatsen dan geen ketelhuis op het dak en geen individuele toestellen in de woningen, maar we verplaatsen de technische ruimte naar de begane grond. Deze configuratie heeft als voordeel dat het leidingnet van het gebouw in de toekomst eenvoudig aan te sluiten is op een warmtenet. Bovendien is de keuze voor warmte- en koudelevering via moderne vierde of vijfde generatie mini-warmtenetten een mooi alternatief voor appartementencomplexen. Je kunt in zo’n situatie de opwekking centraal houden, of dat nu met een gasketel, een hybride installatie of een all-electric warmtepomp is. Komt in de toekomst een stadswarmte- of aardwarmteproject langs, dan sluit je het gebouw later alsnog eenvoudig aan op die vorm van collectieve warmte- en koudelevering.”
Toekomstbestendige systeemontwerpen
Remeha ondersteunt gebouweigenaren, installateurs en adviseurs bij het systeemontwerp en vergroot daarmee de haalbaarheid van projecten én de toekomstbestendigheid van installaties. Dat vraagt om vroegtijdige betrokkenheid, integrale afwegingen en het durven loslaten van traditionele ontwerpprincipes. Heb je vragen of wil je een advies, kijk dan op remeha.nl/systeemoplossingen.
Dit artikel is gesponsord door Remeha.












