nieuws

Warmtepompen geschrapt uit lijst met erkende besparingsmaatregelen

Sector

Het hing al even in de lucht, maar inmiddels is het definitief: lucht/water-warmtepompen zijn geschrapt uit de lijst met ‘erkende besparings-maatregelen’ voor bedrijven. Op deze lijst staan maatregelen die volgens de overheid een terugverdientijd hebben van minder dan vijf jaar. Bedrijven waarbij het energiegebruik een drempelwaarde overschrijdt, zijn verplicht om deze maatregelen te treffen, tenzij ze aantonen dat een gelijkwaardig alternatief is gekozen.

Warmtepompen geschrapt uit lijst met erkende besparingsmaatregelen

De ‘erkende maatregelen’ moeten verplicht worden doorgevoerd als een bedrijf of instelling jaarlijks meer dan 50.000 kWh elektriciteit of 25.000 m³ aardgas gebruikt. Daarbij geldt dat de getroffen energie-besparende maatregelen op 1 juli aanstaande moeten worden gemeld bij de overheid. Deze informatie moet vervolgens iedere vier jaar worden bijgewerkt.

Aansluiten op luchtgordijn of luchtbehandelingskast

In de voorlopige Erkende Maatregelen Lijst (EML) die in november 2018 werd gepubliceerd, waren lucht/water-warmtepompen nog wel opgenomen. “Terecht”, stelde Rimme van der Ree onlangs nog in zijn column. “Als je een warmtepomp bijvoorbeeld aansluit op een luchtgordijn of luchtbehandelingskast, verdien je de investering gemakkelijk in vier tot vijf jaar terug. Ook als in een bedrijfspand vloerverwarming aanwezig is, wordt de investering van een warmtepomp binnen een paar jaar terugverdiend.”

Bouwfysische en technische aanpassingen

Desondanks is er de afgelopen maanden op aangedrongen om de lucht/water-warmtepomp uit de lijst te halen.  Met name Techniek Nederland maakte zich hier hard voor. In een brief aan minister Wiebes (Economische Zaken en Klimaat)  stelde de branchevereniging begin november ‘niet te herkennen’ dat lucht/water-warmtepompen in de meeste gevallen een terugverdientijd hebben van 5 jaar. “Daarnaast is de toepassing van deze techniek lang niet altijd mogelijk”, is verder in de brief te lezen. “In veel gevallen zal een gebouw bouwfysisch en technisch aangepast moeten worden om dit mogelijk te maken. De kosten voor deze ingrepen worden nu niet meegenomen en zorgen voor een hogere terugverdientijd.”

‘Onduidelijkheid in berekening terugverdientijd’

De afgelopen maanden vond naar aanleiding van de eerste voorlopige EML-lijst een zogeheten ‘internetconsultatie’ plaats. Een van de aanpassingen die mede op grond daarvan zijn doorgevoerd, is dat lucht/water-warmtepompen uit de lijst zijn verdwenen. In een begeleidend schrijven bij de inmiddels definitieve EML (die op 5 maart werd gepubliceerd in de Staatscourant) stelt Wiebes dat een aantal nieuwe technieken alsnog niet is opgenomen in de lijst “vanwege de beperkte toepassingsmogelijkheden of onduidelijkheid in de berekening van de terugverdientijd”. Lucht/water-warmtepompen zijn hier volgens de minister een voorbeeld van: “Voor deze maatregel is meer onderzoek nodig om beter te onderbouwen met welke randvoorwaarden een warmtepomp voor specifieke bedrijfstakken voldoende rendabel is.”

> Leestip: Techniek Nederland wil strengere BENG-eisen.

> Leestip: Warmtepompgebruiker bij Radar: wat ging er mis?

> Leestip: Amsterdam hanteert aangescherpte EPC-norm voor nieuwe woningen

Reageer op dit artikel