artikel

‘De energietransitie moet integraal plaatsvinden’

Sector

‘De energietransitie moet integraal plaatsvinden’

Remeha in Apeldoorn staat vooral bekend als producent van hr-ketels. Inmiddels behoren ook warmtepompen hybride- en zonlichtsystemen tot het assortiment. In de visie van het bedrijf worden die belangrijk, maar dat geldt ook voor gasketels, maar dan wel gestookt met schoon gas.

Tekst: Bas Roestenberg

Ondernemer Gerard van Reekum verhandelde ongeveer een eeuw geleden in ´Van Reekum´s Metaal Handel´ onder meer stalen buizen en fittingen voor de verwarmingsindustrie. In de jaren dertig begon de productie van oliekachels. Na de gasvondst bij Slochteren, richtte Remeha zich aanvankelijk vooral op de productie van grotere cv-installaties voor de utiliteitsbouw. De laatste veertig jaar werd het bedrijf ook een belangrijke speler in de particuliere markt voor hr-ketels. Volgens Idse de Wit, manager business development bij Remeha, is nu ongeveer een op elke drie in Nederland geplaatste hr-ketels er een van Remeha. Maar nu de energietransitie in volle gang is, moeten de bakens weer verzet worden. Net als dat in de jaren zestig bij de overstap op aardgas gebeurde. Over hoe het bedrijf dat oppakt en hoe de toekomst er in de ogen van Remeha gaat uitzien beantwoordt Itse de Wit tien vragen.

Nederland wil van het aardgas af. Hoe is dat vooruitzicht voor een grote producent van gasgestookte cv-installaties?
“Remeha is voorstander van het snel terugbrengen van fossiele brandstoffen om CO2 te besparen. Remeha heeft een breed portfolio voor alle energiedragers, dus zowel all electric- als gasoplossingen. Wij vinden het belang om aan te geven dat het hierbij om schoon gas gaat en niet om fossiel aardgas. De bestaande infrastructuur is in goede staat en geschikt om grote hoeveelheden duurzaam opgewekte energie op te slaan en te distribueren. Dus in de gebouwde omgeving zal zowel warmte als electriciteit als gas toegepast worden. Voor al deze energiedragers geldt dat deze duurzaam zijn, dus fossiel vrij.”

Een volledig CO2-neutrale gebouwde omgeving in 2050. Hoe realistisch is dat scenario?
“Daar hebben wij als Remeha goed naar gekeken en geconcludeerd dat het mogelijk is. Maar daarvoor heb je wel alle energiedragers nodig. Dus zowel elektriciteit, warmte als gas. En al die energiedragers moeten dan van duurzame oorsprong zijn. Wij geloven niet in alleen maar helemaal elektriciteit.”

Waarom niet alleen all electric?
“All electric is alleen duurzaam als alle elektriciteit ook duurzaam wordt opgewekt. Dat is niet het geval op het moment dat zon en wind niet beschikbaar zijn. Bovendien is er in de winter vijf keer meer energie nodig in de gebouwde omgeving dan in de zomer. Daarom is energieopslag essentieel om de seizoensverschillen op te vangen. Elektriciteit is niet geschikt om grote hoeveelheden energie over langere tijd op te slaan. Het is op dit moment ook helemaal nog niet mogelijk om voor onze gehele energievraag voldoende stroom op te wekken en te verdelen. All-electric is een goede oplossing voor specifieke situaties.”

Hoe gaat dat er uit zien?
“We gaan naar een eindbeeld dat veel gefragmenteerder is dan we nu gewend zijn. We gaan grote verschillen zien tussen bestaande bouw en nieuwbouw, tussen lokale en centrale energieopwekking, tussen bestaande en toekomstige infrastructuur. Bedenk dat daarbij het besluitvormingskader op dit moment nog totaal ontbreekt. Het enige dat we weten is dat die besluitvorming op het niveau van lagere overheden, gemeentes en provincies, zal gaan plaatsvinden. Maar waar komt straks de rekening terecht? Zulke vragen zijn veel meer bepalend voor de toekomst, aangezien technisch veel mogelijk is.”

De gasgestookte installaties blijven dus belangrijk.

“Remeha is continu bezig met innoveren en verduurzamen van het portfolio. Wij vinden het belangrijk om het systeem integraal te benaderen. Het gaat hierbij niet alleen om de installatie, maar juist ook waar deze energie vandaan komt. Het gaat om reductie van CO2 van bron tot gebruiker. De enige manier die echt werkt is een energietransitie die integraal plaatsvindt. Je kunt niet alleen maar kijken naar deelgebieden. Ook in een CO2-neutrale omgeving zullen gasgestookte installaties (schoon gas) toegepast worden. Hiervoor zijn meerdere mogelijkheden.”

Komen er volgens u mogelijkheden voor energieopslag aan?
“Voor de opslag van energie op de korte termijn (uren en dagen) zijn batterijen geschikt. Maar wil je energie opslaan voor een langere termijn (maanden, seizoenen) dan zien de onderzoekers maar twee duurzame mogelijkheden: synthetisch natural gas (SNG) en waterstof (H2). Bij Power-to-Gas wordt via elektrolyse water omgezet in waterstof en zuurstof. Waterstof kan direct worden gebruikt in de industrie- of transportsector. Als aan waterstof CO2 wordt toegevoegd, bijvoorbeeld uit biomassa, kan er synthetisch gas (ook wel circulair gas genoemd) worden gemaakt. Dit gas kunnen we gebruiken of opslaan voor later gebruik. De huidige infrastructuur kan hiervoor worden ingezet en dus ook behouden blijven. We geven onze gasinfrastructuur een nieuwe functie en een tweede leven. Het is dus niet nodig om de huidige infrastructuur af te schrijven en onnodige investeringen te doen.”

Kunnen we nog wat leren van andere landen?
“Zeker, we doen er verstandig aan om ook te kijken naar wat er om ons heen gebeurt. Nederland is een piepklein vlekje op de wereld. In Duitsland wordt inmiddels zeventwintig procent van de elektriciteit duurzaam opgewekt. Daar is het nu al lastig om de stabiliteit in het systeem te houden. Dus wat zie je in Duitsland nu gebeuren? Daar draaien nu ongeveer veertig power to gas-projecten om een stuk balancering en opslag te gaan regelen. Dat is complexe materie, want ook het regulatoire kader moet anders gaan worden. De discussie gaat niet alleen om techniek. All-electric is een prima oplossing voor een gedeelte van de markt. Het zal naar ons idee wel ergens tussen de twintig en vijftig procent uitkomen. Je hebt het zeker nodig. Maar je hebt ook warmte nodig – en daar heb je ook nog een uitdaging, want hoe zorg je dat op termijn je warmte fossielvrij is? Want van fossiel gas moeten we af. Dat moeten we verduurzamen.”

Ondertussen neemt de vraag naar warmtepompen toe?
“Dat zien we inderdaad. Daarom lanceert Remeha een volledig nieuwe range all-electric warmtepompen voor de woningbouw. Ons zusterbedrijf heeft sinds 2006 al meer dan 130.000 van deze warmtepompen verkocht. Frankrijk bijvoorbeeld, is met al die kerncentrales nu al veel meer dan Nederland een typisch elektriciteitsland. Daar zijn die warmtepompen al veel langer populair. Voor ons is nu het moment om ook in Nederland door te pakken. Voorlopig worden in Nederland jaarlijks nog zo’n vierhonderdveertigduizend cv-ketels vervangen. Het aantal warmtepompinstallaties dat wordt geplaatst bedraagt minder dan tien procent van dat aantal. Wij verwachten een toename. ”

Zijn installateurs voldoende bedreven in het installeren van warmtepompen?
“Je ziet nog wel koudwatervrees. Installateurs moeten beseffen dat bij een warmtepomp de warmtelast erg van belang is. En in sommige specifieke gevallen, bij split units, heb je een F-gassen-certificaat nodig.”
“Met de huidige goede markt voor bestaande klimaat- en koeltechniek, is het een uitdaging om genoeg installateurs met voldoende kennis van warmtepompen op te leiden. Ook in de markt van de meer traditionele techniek komt de installatietechniek nu al handen te kort. Het is van belang om te blijven te ontwikkelen.”

In hoeverre blijft Remeha ook cv-ketels doorontwikkelen?
“Daar blijven we jaarlijks verbeteringen in aanbrengen. Zo werken we nu aan het perfectioneren van het voorspellen van de predictive maintainance. Wij denken graag in systeemoplossingen. Alle apparaten kun je los kopen. Maar als je onze producten koopt, kun je die allemaal in elke configuratie aan elkaar knopen. Daarbij kunnen wij onze directe klanten, de installateurs, adviseren in deze complexe materie. Dat is met het complexer worden van de materie in de toekomst ook steeds meer een rol voor ons. Het gaat om de best passende oplossing per situatie.”

Reageer op dit artikel